De bange hond: angst heeft meer gezichten dan je denkt

angst

Denk je bij een bange hond meteen aan een hond die trilt, wegkruipt of zich verstopt? Dat is inderdaad angst. Maar het is maar één gezicht ervan.

Angst zit namelijk veel vaker in kleine, alledaagse momentjes die je misschien niet als angst hebt herkend. En juist die momenten zijn belangrijk, want dat zijn de momenten waarop je je hond nog goed kunt helpen. In dit artikel laat ik je zien hoe je angst bij je hond leert herkennen, ook als het klein en subtiel is. Je leert waarom je hond regie nodig heeft, waarom 'hij moet er maar aan wennen' meestal niet werkt, en waarom alleen zijn iets heel anders is dan angst.

In het kort

Een bange hond ziet er lang niet altijd uit zoals je verwacht. Angst heeft veel gezichten, van trillen en verstoppen tot kleine signalen als wegkijken, lippen likken of ergens te lang naar staren. Zelfs een hond die uitvalt of ergens op afgaat, kan bang zijn. Wat een bange hond het hardst nodig heeft, is regie: het gevoel dat hij weg kan en zelf mag kiezen.

Gedrag is communicatie

Alles wat je hond doet is de buitenkant van hoe hij zich vanbinnen voelt. Dat is de kern van hoe ik naar honden kijk: gedrag is communicatie. Eerst is er een emotie, dan reageert het lijf, en pas daarna komt het gedrag dat jij ziet.

Angst is een negatieve emotie. Maar het is ook een heel zinvolle emotie. Net als bij ons is angst een soort alarm, dat je hond voorzichtiger maakt in situaties die gevaarlijk zouden kunnen zijn. Daarbij gaat het er niet om of die situatie ook echt gevaarlijk is. Het gaat erom dat jouw hond het als bedreigend ervaart.

Wat wij ervan vinden, doet er op dat moment dus niet zoveel toe. Het gaat om hoe je hond zich voelt. Angst is niet raar en hoort erbij. Maar het is soms wel iets waar je hond jouw hulp bij nodig heeft. En dan helpt het enorm als je het kunt herkennen, juist als het in kleine dingen zit.

Angst heeft veel gezichten (en de meeste mis je misschien)

De duidelijke vormen ken je waarschijnlijk wel: wegkruipen, trillen, zich verstoppen, de staart tussen de benen. Maar er is ook bevriezen, verstijven of niet vooruit te branden zijn. Dat laatste labelen we soms als 'hij wil niet luisteren' of 'hij is eigenwijs', terwijl je hond zich op dat moment misschien gewoon zorgen maakt over wat er komt.

En dan zijn er de kleine signalen. Die mis je makkelijk, omdat het geen full blown angst is. Toch vertellen ze je iets belangrijks. Let eens op deze:

  • Je hond kijkt net iets te lang ergens naar en fixeert bijna. Dat kan een hond zijn, een vuilniszak of een bepaald geluid.
  • Hij stopt opeens met snuffelen en houdt de omgeving in de gaten.
  • Hij reageert even niet op je, omdat hij ergens op gefocust is.
  • Hij deinst terug en loopt met een boogje ergens omheen.
  • Hij kijkt telkens om.
  • Hij gaat niet lekker liggen, maar blijft schakelen tussen zitten, staan en liggen.
  • Hij beweegt net wat trager en voorzichtiger dan normaal.
  • Hij kijkt weg of draait zich weg, likt zijn lippen of gaapt terwijl hij niet moe is.

Stuk voor stuk kleine dingen. En stuk voor stuk een hond die eigenlijk zegt: ik vertrouw dit even niet.

Waarom is dat zo belangrijk? Omdat je op die kleine signalen nog kunt ingrijpen. Op het moment dat je hond echt bang is, gaat zijn denkende brein offline. Dan is hij heel slecht bereikbaar en leert hij niet de dingen die jij hem wilt leren. Herken je de vroege signalen, dan kun je hem eerder helpen.

Ook een hond die erop afgaat kan bang zijn

Angst leidt soms tot gedrag dat op het eerste gezicht helemaal niet op angst lijkt. Denk aan uitvallen, blaffen, grommen, happen, een stijf en groot gemaakt lijf. Of juist de hond die er recht op afgaat.

Dat klinkt onlogisch, maar het is het niet. Een hond die het gevoel heeft dat hij niet weg kan, kiest soms voor de aanval om iets engs weg te jagen. Eerste klap is een daalder waard. En het maakt niet uit of dat gevoel klopt, het gaat om hoe je hond het beleeft.

Dat je hond ergens op afgaat, betekent dus niet dat hij niet bang is. Het bewijst ook niet dat hij wél bang is. Het sluit angst alleen niet uit. Kijk daarom altijd naar het grotere geheel en lees dit artikel (klik hier)

Twee dingen die angst zo lastig maken

Angst is vaak sterk verbonden met een situatie. Je hond maakt als het ware een foto van het moment dat hij eng vond. Alles wat op die foto staat, de plek, de geluiden, wat hij zag, zelfs wie erbij was, kan later opnieuw die angst oproepen. Daardoor lijkt het soms alsof de angst zich uit het niets uitbreidt. Je hond schrok ooit ergens, en ineens is die hele straat spannend. Het kan zelfs zo zijn dat hij bij jou niet meer wil wandelen en bij je partner wel, omdat jij op die foto stond en je partner niet.
Klik hier voor meer informatie over de context en het plaatje

Angst gaat in de regel niet vanzelf over. Een hond groeit er niet overheen. Sterker nog, angst heeft de neiging zich uit te breiden naar meer plekken, meer geluiden en meer situaties. Wachten tot het slijt werkt dus niet. Angst vraagt dat je er iets mee doet. Alleen niet op de manier die de meeste mensen kiezen.

Wat een bange hond het hardst nodig heeft: regie

Een bange hond heeft één ding heel hard nodig: het gevoel dat hij zelf iets kan doen. Dat hij weg kan. Dat hij een keuze heeft. Dat hij niet klem zit.

Een hond die niet weg kan en geen controle heeft over de situatie, houdt er vaak alleen maar een nog nare ervaring aan over. Regie is dus geen luxe of iets van 'leuk dat hij mag kiezen'. Het is essentieel. Je hond kan pas leren dat iets veilig is als hij zelf mag bepalen hoe dichtbij hij komt. Meer hierover lees je in mijn blog over controle en waarom die zo belangrijk is voor je hond.

Drie dingen die je beter niet doet

Hoe goed bedoeld ook, dit werkt bij een bange hond meestal averechts:

  • Blootstellen om te wennen. 'Hij moet er maar aan wennen' klinkt logisch, maar zo werkt een hondenbrein niet. Je hond kan zijn angst niet wegredeneren zoals wij dat kunnen. Stel je hem steeds bloot aan het enge, dan maak je hem op de lange termijn meestal juist banger. Klik hier voor meer informatie

  • Lokken met een koekje naar het enge. Daarmee haal je zijn regie weg, want jij bepaalt dan waar hij naartoe gaat. Het kan lukken, maar dan zit je hond opeens middenin een situatie die hij eng vindt. En denk terug aan die foto in zijn hoofd.

  • Corrigeren of straffen. Dat voegt alleen maar spanning toe aan een hond die het al moeilijk heeft, en maakt de angst waarschijnlijk groter. Als een kind bang is, ga je toch ook niet mopperen? Meer hierover in mijn blog over het gevaar van het corrigeren van angst.

Wat dan wel? Je helpt je hond juist in kleine stapjes, onder rustige omstandigheden, en steeds zo dat hij zelf de regie houdt. Zo kan hij leren wat hem wel en niet veilig houdt.


Let op: alleen zijn is meestal niet voornamelijk angst, maar paniek

Niet alleen kunnen zijn wordt vaak 'verlatingsangst' genoemd. Maar in zo'n 90% van de gevallen is dat helemaal geen angst. Wat je hond dan voelt, is een gevoel van paniek en eenzaamheid. De ellende die hij ervaart als hij het simpelweg niet trekt zonder jou.

Dat is een ander emotioneel systeem dan angst. Angst gaat over een dreiging of een gevaar. Dit gaat over jouw afwezigheid. En het gedrag ziet er dan ook anders uit: slopen, blaffen, janken, aan de deur krabben, niet willen eten of drinken. Of, heel herkenbaar, niet tot rust kunnen komen en voor de deur blijven wachten tot jij terug bent.

Omdat er een ander gevoel achter zit, heeft je hond ook een andere aanpak nodig. Wat een bange hond helpt, helpt een hond in paniek niet. Wil je hier meer over weten, lees dan mijn blog over verlatingsangst en wat er echt aan de hand is.

Aan de slag

Kijk deze week naar één moment waarop je hond het spannend vindt. En stel jezelf dan de vraag: zie ik hier angst, ook al zie ik het niet meteen in grote signalen?

Het gaat er niet om dat je alles direct oplost. Het gaat erom dat je gerichter leert kijken naar wat je hond je probeert te vertellen.

En dan? Van herkennen naar jouw eigen hond

Angst herkennen is de eerste stap. De volgende vraag komt vanzelf: en wat betekent dit nu voor míjn hond?

Daarvoor is er de HondenHub. Daar gaan we een stap verder. Je leert werken met de drempel van jouw hond, het punt waaronder hij nog kan nadenken en leren. Je leert hoe je hem regie geeft, met afstand als belangrijkste knop bij dingen die hij ziet of ruikt, en met bijvoorbeeld white noise en een veilige haven bij geluidsangst. En je leert hoe je een nieuw, neutraal plaatje opbouwt over een eng moment. Ik geef je daar persoonlijk feedback op de situatie van jouw hond.

In de Hub zitten experts op allerlei honden-gebieden, waar ik zelf met Iloy naar toe ga. Dus als je denkt; ik zit bij Monique goed, dan zit je ook bij hen goed. Je kunt vragen stellen over voeding, medische zaken, beweging, zorghandelingen, verrijking, training en natuurlijk aan mij over gedrag. Word lid van de HondenHub 

Veelgestelde vragen

Hoe herken ik of mijn hond bang is? Naast de duidelijke signalen als trillen, wegkruipen en verstoppen zijn er veel kleine signalen: ergens te lang naar staren, stoppen met snuffelen, lippen likken, gapen als je hond niet moe is, of met een boogje ergens omheen lopen. Stuk voor stuk kunnen ze betekenen: ik vertrouw dit even niet.

Moet mijn hond eraan wennen als hij ergens bang voor is? Nee. Een hond kan zijn angst niet wegredeneren zoals wij dat kunnen. Blootstellen om te wennen maakt de angst op de lange termijn meestal juist erger. Werk liever in kleine stapjes, onder rustige omstandigheden, waarbij je hond zelf de regie houdt.

Mijn hond gaat er juist op af. Kan hij dan toch bang zijn? Ja. Een hond die het gevoel heeft dat hij niet weg kan, kiest soms voor de aanval om iets engs weg te jagen. Erop afgaan sluit angst dus niet uit. Kijk altijd naar het grotere geheel.

Heeft mijn hond verlatingsangst als hij niet alleen kan zijn? Meestal niet. In zo'n 90% van de gevallen gaat het niet om angst, maar om paniek en eenzaamheid. Dat is een ander emotioneel systeem en vraagt een andere aanpak dan angst voor een dreiging.


* Emotionele systemen bij zoogdieren, waaronder de aparte systemen voor angst (FEAR) en paniek/eenzaamheid (PANIC/GRIEF): Panksepp, J. (1998). Affective Neuroscience: The Foundations of Human and Animal Emotions. Oxford University Press.

** Over de kleine, subtiele signalen waarmee honden ongemak en spanning tonen: Rugaas, T. (2006). On Talking Terms with Dogs: Calming Signals. Dogwise Publishing.